Vorig jaar zijn in Nederland 146 mensen in open water, of
in huis of tuin verdronken. Het ging om 107 inwoners en 39 mensen uit andere
landen. Dit waren er 7 meer dan een jaar eerder, meldt het Centraal Bureau voor
de Statistiek (CBS). Het gaat om het hoogste aantal in bijna 30 jaar.
Het gaat hierbij alleen om verdrinkingsongevallen. Gevallen
van zelfdoding of moord zijn niet meegenomen. Driekwart van de verdrinkingen
vond plaats in open water zoals een sloot, rivier, kanaal, gracht of
recreatieplas. Ruim 18 procent van de verdrinkingen gebeurde in een huis of
tuin.
In de afgelopen tien jaar overleden jaarlijks gemiddeld 91
inwoners van Nederland door een zogenoemde accidentele verdrinking. Gemiddeld
overleden elk jaar 29 mensen die geen inwoner van Nederland waren, zoals
toeristen, illegalen of tijdelijke werknemers, aldus het CBS.
Buitenland
Het aantal verdrinkingsongevallen is het hoogst onder
ouderen. Zij vormen bijna de helft van alle verdronken mensen. Bij deze groep
was een val in het water bij 69 procent de aanleiding voor verdrinking. Het CBS
noemt als oorzaken van een val onder meer uitglijden, alcoholgebruik,
onwelwording of dementie.
Van 2015 tot 2024 verdronken 61 kinderen jonger dan 10 jaar
en 48 kinderen en jongeren tussen de 10 en 20 jaar. Van hen had meer dan de
helft een niet-Nederlandse herkomst. Ze waren bijvoorbeeld zelf in het
buitenland geboren of een of beide ouders kwamen uit het buitenland. Onder
kinderen tot 10 jaar die in een land buiten Europa zijn geboren, was het risico
op verdrinking elf keer groter dan onder kinderen met een Nederlandse afkomst.
Onder 10- tot 20-jarigen was dit risico zestien keer zo groot.
De meeste mensen verdronken de afgelopen tien jaar in de
veiligheidsregio's Amsterdam-Amstelland en Rotterdam-Rijnmond, met in beide
regio's 89 verdrinkingsongevallen. Van de verdrinkingen van mensen die niet in
Nederland woonden, gebeurde 20 procent in de gemeente Amsterdam.